Gelet op het decreet lokaal bestuur dd. 22.12.2017, inzonderheid artikel 17§4 en artikel 148 inzake het toekennen van eretitels aan gemeenteraadsleden en schepenen door de gemeenteraad;
Overwegende dat de gemeenteraad eretitels kan toekennen onder de voorwaarden die hij bepaalt;
Gelet op het reglement inzake het verlenen van de titel van eregemeenteraadslid en ereschepen, zoals aangenomen door de gemeenteraad van 19 november 2019;
Overwegende dat artikel 2 voorschrijft dat voor het bepalen van de anciënniteit voor de titel van ereschepen, de perioden van uitoefening van het mandaat van voorzitter van het OCMW (gebaseerd op de regelgeving van het OCMW-decreet) binnen hetzelfde bestuur, al dan niet aansluitend voor of na het ambt als schepen, in voorkomend geval hiervoor kunnen meegerekend worden;
Overwegende dat het billijk is dat ook de perioden van uitoefening van het mandaat van burgemeester binnen hetzelfde bestuur, al dan niet aansluitend voor of na het ambt als schepen, in voorkomend geval hiervoor kunnen meegerekend worden;
De gemeenteraad gaat akkoord met de volgende toevoeging aan artikel twee van het reglement inzake het verlenen van de titel van ereschepen en eregemeenteraadslid:
"Tevens kunnen de perioden van uitoefening van het mandaat van burgemeester binnen hetzelfde bestuur, al dan niet aansluitend voor of na het ambt als schepen, in voorkomend geval hiervoor meegerekend worden."
Aan het College van Burgemeester en Schepenen wordt de opdracht gegeven na te gaan wie in aanmerking komt voor een eretitel overeenkomstig het aangepaste reglement, en deze personen aan te schrijven.