Gelet op artikel 170, $4 van de Grondwet;
Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017;
Gelet op het Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, en latere wijzigingen;
Gelet op het Decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen, en latere wijzigingen;
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 17 februari 2012 tot vaststelling van het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen (VLAREMA), en latere wijzigingen;
Gelet op het gemeenteraadsbesluit van 29 september 2015 betreffende de belasting op niet-geadresseerd reclamedrukwerk aj. 2016-2019;
Overwegende dat voorgenoemd gemeenteraadsbesluit hernieuwd wordt voor aj. 2020-2025;
Overwegende dat het ongevraagd en systematisch verspreiden van ongeadresseerd drukwerk en gelijkgestelde producten in alle brievenbussen nadelig is voor het milieu, het volume papierafval verhoogt en bijkomende kosten van onder meer afhaling en verwerking meebrengt;
Overwegende dat het verspreiden van reclamebladen de afvalberg van recyclagepapier aanzienlijk verhoogd;
Gelet op de lasten die het verwijderen van oud papier tot gevolg hebben;
Overwegende dat het verantwoord is om met de invoering van dit belastingreglement de kosten te financieren en de overlast zoveel mogelijk te beperken;
Overwegende dat de gemeente de ontwikkeling van de handel wil stimuleren, in het bijzonder voor wat betreft de straat “Pauwengraaf”;
Overwegende dat de gemeente ruimtelijk beslist heeft dat in deze straat de gelijkvloerse verdieping verplicht moet ingevuld worden met handel, horeca of kantoren;
Overwegende dat de gemeente expliciet de nadruk wil leggen op deze straat als vestigingsplaats voor commerciële ontwikkelingen;
Dat deze straat van oudsher een winkelstraat en de gemeente deze identiteit niet enkel wil behouden maar zelfs wil versterken;
Dat het derhalve gepast voorkomt om dit standpunt te benadrukken door een vrijstelling te voorzien voor startende ondernemingen;
Dat naast de Pauwengraaf de gemeente ervoor heeft gekozen om de Dr. Haubenlaan te versterken met horeca;
Overwegende dat deze straat al een aanzienlijk aantal horecazaken kent en de gemeente dit verder wil uitbouwen;
Dat de gemeente er zelfs de voorkeur aan geeft om de horecazaken langs de Dr. Haubenlaan te concentreren;
Dat dit kan door nieuwe horecazaken aan te moedigen zich langs deze straat te vestigen, eveneens door te voorzien in een vrijstelling;
Overwegende dat de eerste jaren van een startende onderneming bepalend zijn voor het voortbestaan van een zaak;
Dat na een periode van drie a vijf jaar volgens studies een evaluatie kan gemaakt worden omtrent het al dan niet succesvol zijn van de betrokken onderneming;
Dat de gemeente deze periode wenst te helpen overbruggen;
Gelet op de financiële toestand van de gemeente;
Er wordt voor de aanslagjaren 2020 tot en met 2025 ten voordele van de gemeente Maasmechelen een belasting gevestigd op de huis-aan-huis bedeling van publiciteitsbladen en -kaarten met handelskarakter, van catalogi en kranten welke publiciteit bevatten met een handelskarakter, en erop gericht is een potentieel cliënteel ertoe te bewegen gebruik te maken van de diensten en/of producten van de adverteerder.
Het reglement betreft uitsluitend het drukwerk dat niet voorzien is van een adres en waarvan de bedeling kosteloos en zonder initiatief is van de bestemmeling. Collectieve adresaanduiding per straat of gedeeltelijke adresaanduiding wordt niet beschouwd als zijnde geadresseerd.
De belasting is verschuldigd door de uitgever. Wanneer de uitgever niet gekend is, of indien hij in staat van onvermogen verkeert, wordt de belasting in afnemende orde gevestigd op de drukker, de verdeler of de genieter onder wiens naam, logo of embleem de reclame wordt gevoerd.
De belasting wordt per verspreid exemplaar vastgesteld op:
- 0,01 euro indien de totale oppervlakte kleiner is dan 1.247,40 cm² (A3-formaat).
- 0,02 euro indien de totale oppervlakte gelijk of groter is dan 1.247,40 cm² (A3-formaat).
Het al dan niet volledig bedrukt zijn van een bladzijde geeft geen aanleiding tot een vermindering van de belasting.
Er is een vrijstelling van belasting:
wanneer de publicatie voor meer dan 75% uit teksten zonder handelskarakter bestaat;
voor drukwerken van openbare besturen, onderwijsinstellingen en overheidsinstellingen;
voor drukwerken van sociale, caritatieve, culturele of sportieve aard waaruit de uitgever zelf geen commercieel voordeel kan halen.
Er wordt een vrijstelling gedurende 3 aanslagjaren voorzien voor ondernemers die cumulatief aan volgende voorwaarden voldoen:
een horecazaak starten grenzende aan de Dr. Haubenlaan;
hetzij in een op te richten onroerend goed hetzij in een onroerend goed waarvoor daartoe een functiewijziging "horeca" vereist is hetzij door in een onroerend goed met functie "horeca" een nieuwe vestigingseenheid in de zin van de bepalingen van de kruispuntbank van ondernemingen onder te brengen;
hiervoor beschikken over een horecavergunning zoals omschreven in het gemeentelijke reglement betreffende de horecazaken en horecavergunningen.
Er wordt tevens een vrijstelling gedurende 3 aanslagjaren voorzien voor ondernemers die cumulatief aan volgende voorwaarden voldoen:
een nieuwe vestigingseenheid in de zin van de bepalingen van de kruispuntbank van ondernemingen onderbrengen in een onroerend goed grenzende aan Pauwengraaf;
het moet een vestigingseenheid betreffen die een handelsruimte grenzende aan het openbaar domein vereist voor de uitoefening van haar activiteiten.
De belasting is verschuldigd telkens er een huis-aan-huis verspreiding van het beoogde reclamedrukwerk plaatsvindt op het grondgebied van de gemeente Maasmechelen. Een specimen van het reclamedrukwerk zal als basis dienen voor de berekening van de belasting.
Het verschuldigde bedrag wordt bekomen door vermenigvuldiging van het eenheidstarief met het aantal brievenbussen niet voorzien van een tekst die reclame weert (à rato van het aantal brievenbussen zoals vastgesteld door Bpost op 1 januari van het aanslagjaar). Voor de totaliteit van het verspreide reclamedrukwerk kan rekening gehouden worden met het aantal brievenbussen in één of meerdere deelgemeenten of in gans de gemeente. Wanneer in één brievenbus van een bepaalde deelgemeente reclame gevonden wordt, wordt de ganse deelgemeente geacht bedeeld te zijn.
Ter vereffening van de belasting wordt maandelijks een rekening gezonden aan de belastingplichtigen. Bij deze rekening zal een detail gevoegd worden met vermelding van de periode van reclamedrukwerk. Deze rekening dient contant betaalt te worden.
Als de contante inning niet kan worden uitgevoerd, wordt de belasting een kohierbelasting.
De belasting wordt ingevorderd door middel van een kohier, dat vastgesteld en uitvoerbaar wordt verklaard door het college van burgemeester en schepenen ten laatste op 30 juni van het jaar dat volgt op het aanslagjaar.
De belasting moet betaald worden binnen de twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen een aanslag een bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en schepenen dat handelt als administratieve overheid.
Het bezwaar moet schriftelijk en gemotiveerd worden ingediend, en op straffe van verval binnen een termijn van 3 maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet. Het wordt gedagtekend en ondertekend door de belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger en vermeldt de naam, de hoedanigheid, het adres of de zetel van de belastingplichtige, alsook het voorwerp van het bezwaarschrift en een opgave van de feiten of middelen.
Het college van burgemeester en schepenen stuurt binnen 15 kalenderdagen na verzending of indiening van het bezwaarschrift een ontvangstmelding. Deze ontvangstmelding kan via een duurzame drager worden verstuurd.
Indien de belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger dat in zijn bezwaarschrift heeft gevraagd, zal de belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger uitgenodigd worden op een hoorzitting.
Zonder afbreuk te doen aan de bepalingen van het Decreet van 30 mei 2008, zijn de bepalingen van titel VII, hoofdstukken 1, 3, 4, 6 tot en met 9bis, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen en de artikelen 126 tot en met 175 van het uitvoeringsbesluit van dat Wetboek van toepassing voor zover ze niet specifiek de belastingen op de inkomsten betreffen.
Het reglement wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 en 287 van het Decreet Lokaal Bestuur.