Gelet op artikel 170, $4 van de Grondwet;
Gelet op artikel 464/1, 2° van het Wetboek van inkomstenbelastingen van 10 april 1992;
Gelet op het Decreet van 22 december 1995 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 1996 (Programmadecreet 1996);
Gelet op het Decreet van 15 juli 1997 houdende de Vlaamse Wooncode;
Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017;
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 2 april 1996 betreffende de heffing ter bestrijding van de leegstand en de verkrotting van gebouwen en/of woningen, en latere wijzigingen;
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 12 juli 2013 betreffende de kwaliteits- en veiligheidsnormen voor woningen;
Gelet op de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013, Titel 2 Hoofdstuk 5 en artikel 3.1.0.0.4;
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 20 december 2013 houdende de uitvoering de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013;
Gelet op het gemeenteraadsbesluit van 16 december 2014 betreffende de opcentiemen op de door het Vlaams gewest geheven heffing ter bestrijding van verkrotting van gebouwen en/of woningen aj. 2015-2019;
Overwegende dat voorgenoemd gemeenteraadsbesluit zonder inhoudelijke wijzigingen hernieuwd wordt voor aj. 2020-2025;
Gelet op de financiële toestand van de gemeente;
Overwegende dat de verkrotting en verwaarlozing van gebouwen en woningen op het grondgebied van de gemeente moeten voorkomen en bestreden worden;
Voor de aanslagjaren 2020 tot en met 2025 wordt ten voordele van de gemeente Maasmechelen jaarlijks 100 opcentiemen geheven op de gewestelijke heffing ter bestrijding van verkrotting van gebouwen en/of woningen in toepassing van het Decreet van 13 december 2013 houdende de Vlaamse Codex Fiscaliteit.
De gemeente doet een beroep op de medewerking van het Agentschap Vlaamse Belastingdienst voor de inning van deze opcentiemen.
Een afschrift van deze verordening wordt aan het Agentschap Vlaamse Belastingdienst toegezonden.
Deze verordening zal worden afgekondigd en bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 en 287 van het Decreet Lokaal Bestuur.