Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017;
Gelet op de Wet van 20 juli 1971 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, zoals gewijzigd;
Gelet op het Decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, zoals gewijzigd;
Gelet op het Besluit van de Vlaamse Regering van 14 mei 2004 tot organisatie, inrichting en beheer van begraafplaatsen en crematoria, zoals gewijzigd;
Gelet op het Besluit van de Vlaamse Regering van 21 oktober 2005 tot bepaling van de voorwaarden waaraan een doodskist of een ander lijkomhulsel moet beantwoorden;
Gelet op de Omzendbrieven BA-2006/03, BB 2008/04 en BB 2008/05 m.b.t. begraafplaatsen en lijkbezorging;
Gelet op de beslissingen van de gemeenteraad op heden, waarbij het regime m.b.t. kindergraven werd goedgekeurd, en waarbij in de mogelijkheid wordt voorzien tot asverstrooiing in de Maas;
Overwegende dat het tevens opportuun is te voorzien in verschillende termijnen van mogelijke verlenging van een concessie, waarbij aan de concessiehouder de mogelijkheid wordt geboden de concessie te verlengen met 10, 20 dan wel 30 jaar;
Overwegende dat een uniforme aanvangsdatum van de concessies wenselijk is, zodat de datum van begraving wordt aangenomen als begindatum, en niet langer de datum van het verlenen van een concessie door het college van burgemeester en schepenen;
Overwegende dat het huishoudelijk reglement in die zin dient te worden aangepast;
HOOFDSTUK I: ALGEMENE BEPALINGEN
§ 1. Op de gemeentelijke begraafplaatsen worden concessies verleend. Deze hebben betrekking op:
§ 2. De gemeente bepaalt de meest passende wijze betreffende de omheiningen van een begraafplaats.
Eenzelfde concessie mag slechts dienen voor:
Een concessieaanvraag mag door iedereen worden ingediend.
De vergunningen worden enkel toegestaan op de plaatsen daarvoor aangewezen op de begraafplaatsen volgens de door de gemeenteraad goedgekeurde plannen.
Bij geschillen over wie in een concessie begraven mag worden komt het aan de meeste gerede partij toe om de zaak ter beoordeling aan de rechtbank van eerste aanleg voor te leggen of in geval van hoogdringendheid, aan de voorzitter van de rechtbank die zetelt in kortgeding.
Een rechtspersoon kan ook een concessie aanvragen.
De concessieaanvragen vermelden de identiteit van de begunstigden.
Het verlenen van een concessie door het College van Burgemeester en Schepenen houdt geen verkoop noch verhuring in.
Er mag aan de concessie nooit een andere bestemming worden gegeven dan die waarvoor hij werd verleend.
De concessies zijn onoverdraagbaar.
De concessies worden niet bij voorbaat verleend.
Bij het overlijden van één familielid mogen echter maximum twee naast elkaar liggende percelen, maximum twee naast elkaar staande columbariumnissen of urnenvelden in concessie worden genomen.
De concessies worden verleend voor een duur van 30 jaar en kan verlengd worden voor een periode van 10 jaar, 20 jaar of 30 jaar.
De concessies worden verleend door het college van burgemeester en schepenen.
Een niet-geconcedeerd graf kan in een geconcedeerd graf worden omgezet volgens de bepalingen van het retributiereglement.
Een niet-geconcedeerd graf wordt minimum 10 jaar bewaard.
De concessies worden verleend onder de in het desbetreffende huishoudelijk reglement, het politiereglement en het retributiereglement bepaalde voorwaarden, zoals deze geregeld zijn op het ogenblik van de concessieaanvraag.
De beslissing van het college van burgemeester en schepenen, wordt aan de aanvrager betekend.
De duur van het concessiecontract neemt een aanvang op de datum van de begraving.
Bij een omzetting (van een niet-geconcedeerde naar een geconcedeerd graf), neemt het concessiecontract ook een aanvang op de datum van de begraving.
Op aanvraag van iedere belanghebbende tijdens het laatste jaar vóór het verstrijken van het oorspronkelijk of hernieuwingscontract, worden de concessies (verlengd op dezelfde plaats) bij beslissing van het College van Burgemeester en schepenen.
Bij elke hernieuwing dient de aanvrager de nieuwe concessieduur aan te geven. Er zijn 3 mogelijkheden: voor 10 jaar, 20 jaar of 30 jaar.
De concessiehernieuwingen worden toegestaan onder de voorwaarden vastgesteld in het desbetreffende huishoudelijk reglement, het politiereglement en het desbetreffende retributiereglement, die gelden op het ogenblik van de aanvraag tot hernieuwing.
Hernieuwingen van concessies kunnen maximaal 5 jaar voor de vervaldag aangevraagd worden.
Een nieuwe termijn begint te lopen vanaf de eerstvolgende dag na de vervaldag van de vorige concessie.
De concessies worden verleend na betaling van het in het retributiereglement voorziene bedrag.
De hernieuwingen kunnen geweigerd worden indien blijkt dat op het moment van de aanvraag het graf verwaarloosd is.
Minstens één jaar voor het verstrijken van de concessie of van de hernieuwing ervan, maakt de burgemeester of zijn gemachtigde een akte op waarbij eraan herinnerd wordt dat een aanvraag om hernieuwing bij hem moet toekomen.
Een afschrift van deze akte wordt één jaar lang zowel bij het graf als aan de ingang van de begraafplaats uitgehangen.
Als er geen aanvraag voor een hernieuwing is gedaan, vervalt de concessie.
HOOFDSTUK II: BEGRAVINGEN
A. percelen bestemd voor begravingen in ongekochte grond (zonder concessie) (lengte 2,00 m)
De plaats voorzien in gewone grond wordt ingenomen door maximum twee personen, indien de omstandigheden dat toelaten.
B. Percelen bestemd voor begravingen in concessie in volle grond.
De plaats voorzien in een concessie wordt ingenomen door maximum twee kisten; twee boven elkaar .
Het is verboden in deze grafruimten grafkelders te plaatsen.
De grafruimten voor het begraven in volle grond hebben een eenvormige oppervlakte van:
|
|
Gewoon graf |
kindergraf |
|
Lengte |
2,00 m |
1,00 m |
|
Breedte |
1,00 m |
0,50 m |
In een grafruimte wordt het begraven van drie lichamen boven elkaar niet meer toegelaten. Dit is enkel nog van toepassing op bestaande graven.
De lijkkisten of urnen van kinderen en foetussen tot 7 jaar kunnen begraven worden op het kinderperk. Kinderen tussen 8 jaar en 12 jaar worden begraven in het volwassenenperk. Er wordt een vrijstelling van retributie op de concessie verleend voor zover de kinderen op het moment van overlijden in het bevolkingsregister, het vreemdelingen- of wachtregister van de gemeente ingeschreven zijn (voor kindergraven van kinderen die ergens anders ingeschreven zijn dient dus wel een concessie te worden betaald); de concessie wordt verleend voor 30 jaar en is hernieuwbaar, met vrijstelling ven retributie;
In geval van verwaarlozing wordt een dossier opgemaakt voor ruiming van het graf.
Foetusbegravingen worden op gelijke wijze behandeld als de begraving van kinderen.
Vooraleer wordt overgegaan tot de bijzetting van een stoffelijk overschot in een grafruimte in volle grond, dient de concessiehouder op zijn kosten, alles te verwijderen wat het openen van het graf kan bemoeilijken.
C. Percelen bestemd voor het begraven in grafkelder.
De grafruimten voor het begraven in grafkelders hebben de volgende afmetingen:
|
|
Een of tweekelders |
Drie tot negen kelders |
|
Lengte |
2,30 m |
Enkel nog van toepassing op de bestaande graven |
|
breedte |
1,00 m |
De grafkelders moeten derwijze ingericht worden dat er een afzonderlijk vak bestaat voor elk lichaam en dat ze kunnen geopend worden langs de bovenzijde of voorzijde van de grafkelders. Urnen kunnen begraven worden zolang er een leeg vak in een grafkelder aanwezig is, is deze kelder reeds bezet door een kist is geen bijplaatsing van een urne meer mogelijk.
Het bovenstuk van de grafkelders zal minimum 15 cm onder het maaiveld van de wegen worden geplaatst.
In grafkelders worden de lichamen bijgezet op een diepte van tenminste 80 cm.
De grafkelders worden geplaatst door een aannemer in opdracht van de gemeente.
Een grafkelder is zo geconstrueerd dat lucht tot de grafruimte kan toetreden en hieruit ook kan worden afgevoerd. De lucht wordt zo afgevoerd uit de grafruimte dat er in de omgeving geen hinder ontstaat. Indien nodig loopt de afvoer naar de buitenlucht via een efficiënte ontgeuringsfilter.
Het openen en sluiten van grafkelders en het bijzetten van het stoffelijke overschot is ten laste van de grafmaker, met voorafgaande schriftelijke toelating van de dienst begraafplaatsen van het gemeentebestuur.
Voor het uitvoeren van deze werken treedt het gemeentebestuur enkel op als lasthebber van de concessiehouder.
De concessiehouder blijft verantwoordelijk voor mogelijke beschadigingen en schade.
D. Perceel bestemd voor de begraving van urnen.
Iedere begraafplaats moet over een urnenveld beschikken.
De percelen voor het begraven op het urnenveld van één tot vier, hebben een éénvormige oppervlakte van 0,50 m X 0,50 m X 0,50 m.
E. Columbarium.
Iedere begraafplaats moet over een columbarium te beschikken.
Columbariumconcessies worden verleend voor dezelfde duur en tegen dezelfde algemene voorwaarden als bepaald voor de concessies van niet-gecremeerde lichamen. Deze concessies worden slechts toegestaan voor gesloten nissen.
De nissen geconcedeerd voor bijzetting in het columbarium zijn bestemd voor één tot vier gecremeerde lichamen.
Wanneer een columbariumconcessie om welke reden ook een einde neemt, kan de as van ambtswege worden uitgestrooid op de daartoe bestemde plaats (de strooiweide of de knekelput).
De concessies worden verleend na betaling van het in het retributiereglement voorziene bedrag en mits naleving van de volgende bijzondere voorwaarden:
F. Extra bijzetting van urnen in geconcedeerde graven mogelijk:
1) Graven in volle grond (lengte 2,00 m):
Bestemd voor 1 kist: maximum 2 urnen kunnen bijgeplaatst worden;
Bestemd voor 2 kisten naast elkaar: maximum 2 urnen kunnen bijgeplaatst worden;
Bestemd voor 2 kisten boven elkaar: maximum 2 urnen kunnen bijgeplaatst worden;
2) Grafkelders (lengte 2,00 m):
Bestemd voor 1 kist: maximum 2 urnen kunnen bijgeplaatst worden;
Bestemd voor 2 kisten naast elkaar: maximum 2 urnen kunnen bijgeplaatst worden;
Bestemd voor 2 kisten boven elkaar: maximum 2 urnen kunnen bijgeplaatst worden;
Uitzondering: Urnen kunnen begraven worden zolang er een leeg vak in een grafkelder aanwezig is, is deze kelder reeds bezet door een kist is geen bijplaatsing van een urne meer mogelijk.
3) Columbarium:
In een columbarium-gewoon kunnen maximum 2 urnen bijgeplaatst worden;
In een columbarium-hoek kunnen maximum 4 urnen bijgeplaatst worden;
4) Urnenperk: graf in volle grond
In een urnengraf in volle grond kunnen maximum 4 urnen bijgeplaatst worden;
5) Urnenperk: grafkelder
In een urnenkelder kunnen maximum 4 urnen bijgeplaatst worden;
G. Ereperken.
Als eerbetoon voor bewezen diensten aan het vaderland worden op de ereperken kosteloze begravingen van lijkkisten of urnen toegestaan voor dertig jaar. Deze graven zijn voorbehouden aan erkende verzetslieden, weerstanders, weggevoerden en oudstrijders. Tevens wordt er een grafsteen voorzien door de gemeente. Deze graven kunnen ook gratis verlengd worden na de bekendmaking tot verlenging concessie.
Als eerbetoon voor bewezen diensten kunnen burgemeesters en officiële titeldragers van ere-burgers begraven worden op het ereperk, volgens het huidig retributiereglement.
H. Lijkbezorging van behoeftigen
Er moet in een behoorlijke wijze voorzien worden in de lijkbezorging van behoeftigen en dit volgens de laatste wilsbeschikking van de behoeftige. Bij de uitvoering van deze modaliteiten moet rekening gehouden worden met de grenzen van de redelijkheid.
HOOFDSTUK III: SLOTBEPALINGEN
De concessiehouder zal de huidige en toekomstige wetten, besluiten, decreten en reglementen betreffende de begraafplaatsen en de lijkbezorging naleven.
Dit reglement wordt bekendgemaakt overeenkomstig de artikelen 286 en 287 van het Decreet Lokaal Bestuur.
Dit reglement vervangt het huishoudelijk reglement van 6 november 2007, en treedt in werking vanaf 1/1/2020.